“Muziek verbindt en maakt bij iedereen wel een bepaalde emotie los”, zegt Yvon Kanters. De zangeres en maatschappelijk werkster treedt op in verzorgings- en ziekenhuizen, in hospices en op uitvaarten. Elke reactie is anders; van vreugde en troost tot een moment van ontlading.

Hoe ben je als zangeres in de zorg terechtgekomen?
“In 2020 studeerde ik af als maatschappelijk werkster. Toen de pandemie begon, had ik het eerst heel rustig. Ik wilde graag vrijwilligerswerk doen en benaderde daarom een verzorgingshuis. Rond die tijd begon ik ook aan een klassieke zang-opleiding. De manager van het tehuis was een bekende van me en vroeg of ik het leuk vond om te zingen voor mensen met dementie. Ik had nog nooit met dementie, of zelfs maar met de ouderenzorg, te maken gehad. Mijn werkervaring beperkte zich tot de gehandicaptenzorg en de ambulante hulpverlening.”
Hoe ging het de eerste keer?
“Ik werd gekoppeld aan een activiteitenbegeleidster. Met haar kwam ik op de gang iemand met Parkinson en dementie tegen. Hij kon zich niet meer uiten en was heel erg in zichzelf gekeerd. Volgens de begeleidster hield de man van klassieke muziek, waarop ik een aria van Puccini inzette. Al snel kreeg hij tranen in de ogen en begon hij met zijn handen de muziek te volgen. Hij communiceerde met zijn gebaren. Dat had ik nog nooit meegemaakt. Ik heb op festivals gestaan en in bands gespeeld, maar daar miste ik altijd iets. Ik wil zingen met mijn hart en op het gevoel. Die eerste keer in het verzorgingshuis was een magisch moment. Vanaf toen wist ik dat ik mijn zang wilde combineren met de zorg.”
Hoe kan jouw zang mensen met een zorgvraag helpen?
“Op heel veel manieren. Bij mensen met dementie zie ik vaak een moment van ontprikkeling en ontlading. De persoon waar ik net over sprak, was heel bozig en kwam tot ontlading door te huilen. Ik heb net gezongen voor iemand met een loopdrang, die werd weer heel rustig. Er zijn ook mensen die spontaan gaan dansen, in die zin stimuleert het juist in beweging te komen. Overigens helpt dit ook de partners en familieleden. Door hun spontane reactie vertonen mensen met dementie vaak iets ‘van vroeger’; een stukje identiteit dat verloren is gegaan. Voor hun geliefden is dit meestal heel herkenbaar. Zo zong ik laatst het nummer Papa van Stef Bos voor een vader, in het bijzijn van zijn dochter. Die man pakte zijn dochter vast en gaf haar een knuffel. Dat had ze al lang niet meer meegemaakt, zei ze.”
Voor wie zing je allemaal?
“Vooral voor mensen met dementie én in het ziekenhuis, op de dialyse- en oncologie-afdeling. Een behandeling of chemokuur kan soms uren duren, dan breng je toch een soort van verlichting. Daarnaast zing ik in de psychiatrische zorgverlening, in hospices en op uitvaarten.”
Wat zing je zoal?
“Mijn hart ligt bij klassieke muziek, maar ik zing eigenlijk alles. Bij groepen tot twintig personen wil ik iedereen bereiken. Als ik zie dat iemand niet reageert op klassieke muziek, probeer ik een ander genre; van oud-Hollands tot Tina Turner. Eigenlijk is elke wens anders en weet je van tevoren nooit welke kant het opgaat. Ook op uitvaarten: sommige mensen hebben liever rustige muziek, anderen hebben behoefte aan feest en ontlading.”
Hoe reageert de doelgroep op jouw optredens?
“Elke reactie is anders. Vanochtend trad ik op voor een bedlegerige dame. Zij was vrij gesloten, maar werd door de zang steeds opener. De een gaat meezingen en klappen, de ander tilt even haar hoofd op en tovert een glimlach tevoorschijn. Muziek verbindt, dat merk je aan alles. Ook al is de zang soms verre van perfect. Ik kreeg ooit het verzoek om het Friese volkslied te zingen. Dat ging allesbehalve feilloos, want ik ben een Brabander. Maar dat is ondergeschikt aan de verbinding en de reactie die je teweegbrengt. In dit geval werd de vrouw erg geëmotioneerd. Dus ook al kun je niet zingen, doe het dan tóch. En doe het samen, want muziek maakt bij iedereen wel een bepaalde emotie los.”
Uit Served 3 2025.